Vanaf oktober 2010 is deze plek een platform voor van alles en nog wat dat ik niet voor mezelf kan houden.
Dingen die zomaar in me opkomen, dingen die ik tegenkom, dingen die me raken, waar ik blij van word, waar ik me over verwonder, waar ik me over opwind...
Verhaaltjes, columns, gedichten, plaatjes, geluidsfragmentjes. Kan allemaal, er zijn geen regels anders dan getikt.
Hopend mijn website bezoekers hiermee te vermaken.
Met een hartelijke groet,
BJ Baartmans, Boxmeer |
WAT JE ZEGT...
Bij deze de tekst voor een bijzonder nieuw liedje, opgenomen met Sjoerd van Bommel op drums, ik op piano en snaartjes en gezongen door mij met een grote groep "Groep 8 ers" van allerlei basisscholen uit de buurt. De tekst is ontstaan uit een aantal brainstormsessies met de kinderen waarin we hebben gekletst over schelden, vloeken, tieren... Leuke sessies! Maar even serieus: Het project is opgezet vanuit basisschool De Peppels uit Boxmeer n.a.v een uitgeproken wens van een 11 jarig meisje dat twee jaar geleden is overleden aan kanker en er destijds het jeugdjournaal mee haalde: of het schelden met rotziektes niet kon verdwijnen.
Na de zomervakantie gaan we het project presenteren met een clip en komt er een downloadversie van de song op de website van de scholen. Voor nu alvast de (niet onvertogen) woorden:
Wat je zegt dat ben je zelf, als dat echt waar was
Was jij dan ook zo'n held op het veld en in de klas die een ander uitscheldt?
Was jij dan ook zo'n gast die dan dacht dat ie heel wat was
Bepaalde lichaamsdelen voor het plassen en het poepen
Voor het paren en het baren
Nou die flap je er zo uit, interesseert je toch geen fluit
We schelden ook met ziektes, die van vlekjes en van bultjes
Van het proesten en het hoesten
Want die bekken lekker weg en dat meen je toch niet echt
We schelden met beroepen en met nationaliteiten
Zelfs met doodgewone feiten
Over afmeting of kleur, altijd goed voor meer gezeur
We vloeken in het dialect, in alle vreemde talen
Van de films en songs, verhalen
Want je bent een wijzer mens als je scheldt over de grens
We gaan tekeer als beesten ook met bloemen en met dieren
Kun je schelden vloeken tieren
En hoe schattig ook de soort het is zo een smerig woord
En dan zwijg ik nog van ongeluk en aangeboren zaken
Van de geuren van de smaken
Nee, ik ben nog lang niet klaar, kom we maken er een paar:
Schottelslet, geranium, wentelteefje, muffin, kurkentrekker, wafelijzer, bitterbal, marmite, theemuts, zwabber, spons, zuurtje, dweil, kliko, goot, peignoir, krentebol, rioolpijp, slibtong, krabbeschaar, baggerschuit, lurf

En met veel dank aan Jan van Piano Technica Beegden.
WIE
Terugkijkend op een enerverend, wervelend, intens, pittig 2010 kwam ik het volgende stukje tegen dat ik schreef bij het verschijnen van de cd Wie, een van de mooiste projecten van het afgelopen jaar:
“…
Op een mooie zonnige namiddag, vorig jaar in het voorjaar, parkeerde ik mijn auto langs de weg op terugtocht naar huis van een optreden in het noorden des lands, meer precies in Café De Amer in Amen, een van de fijnste singer songwriter clubs die ik ken. Ik had een fraai binnenweggetje genomen richting snelweg en wilde even naar huis bellen om te zeggen hoe laat ik er zou zijn. Maar mijn mobieltje gaf geen thuis. Door de hoge bomen scheen de zon fel in de auto en ik had moeite om te zien waar ik precies was maar toen viel mijn blik op een bord bij een complex dat me naar adem deed happen: Monument Kamp Westerbork. En tussen al deze natuurlijke schoonheid en met de roes van het optreden nog in mijn lijf onderging ik een korte maar hevige confrontatie met een even onbegrijpelijke als onontkoombare waarheid… Ik voelde een schrijnende tegenstelling.
En toen kwam er, net als zo vaak na een indringende beleving, een tekst. En muziek. En bijna gelijktijdig het verzoek van Gerard van Maasakkers en Jeroen van den Eijnde. Of ik misschien een lied wilde schrijven voor een op handen zijnde jubileum cd met verhalen die horen bij de geschiedenis van Kamp Vught. Daar was ik snel uit. Maar ook weer niet…
Ik stuurde mijn qua thematiek zeer verwante maar ook heel persoonlijke Westerbork lied op en hoewel het raakte –aankwam- kwam toch de vraag van de initiatiefnemers om een meer op Kamp Vught toegespitst nummer. Ik ben er toen gaan kijken met mijn moeder en mijn zoon, nam de verhalen en foto’s en het beeld van de fysieke overblijfselen in al hun hartverscheurendheid in me op en koos, na lang zelfberaad, voor het schrijven van een fictieve tekst met een flard hoop en de kinderlijke onschuld als uitgangspunt over de kindertransporten richting Westerbork. Het is een lied geworden dat me niet meer met rust laat, net als het verleden dat er aan ten grondslag ligt, maar me ook de toekomst in stuurt. Een verhaal dat vertelt móet worden...”
BJ Baartmans, Boxmeer, 19 maart 2010
wie-trein.mp3
LIEFDE
DRUM-STER ANNA

Vandaag hoorde ik via mijn vrouw die aan het werk was in de Schouwburg van Cuijk (NB) dat de gemeente waarin ik woon, Boxmeer, sinds enige tijd op twee staat in de top zoveel van op cultuur bezuinigende gemeentes in ons land. 30% moet er af. Stond ook al in de Volkskrant. Nou moeten onze vaderlandse gemeentes dat allemaal (van wie eigenlijk?) en ’t is een lange lange hitlijst, maar Boxmeer spant dus bijna de kroon. Kreun.
Ik woon er al mijn hele leven. Vanaf 1965. Kreeg er gitaarles op de muziekschool, begon er aan een fijne carrière als singer songwriter/gitarist/producer met eindeloos repeteren, blowen, dollen en filosoferen in het jongerencentrum, werd er genomineerd voor De Cultuurprijs van 2009, trad er met kleine maar fijne theaterprogramma’s meermaals op in het mooie Vestzaktheater en ik schreef er het volkslied voor. Jawel, met trots nog wel. Titel: Tussen de Maas en de rand van de Peel. Het is het lijflied geworden van de gemeente. Van zo’n 30.000 mensen uit 11 dorpskernen. Van koren, fanfares, puberpunkbandjes, operettegezellen, toekomstige Voices van Holland, dansmariekes…. De tekst van het lied prijkt op megaformaat achter de receptie van het gloednieuwe stadhuis, walst door de gemeentegids en leukt de visitekaartjes van volksvertegenwoordigers op. Overigens zonder dat ik daar ook maar een schijn van auteursrecht voor heb kunnen bedingen. Maar een kunstenaar is allang blij als zijn ego gestreeld is, nietwaar? Ik schep nog een keer op… Nee dus.
Er zijn de afgelopen jaren bakken met geld geïnvesteerd in mijn gemeente. In stadhuizen, bedrijvencentra, luxe woon-werk-winkel-appartementencomplexen, turborotondes, frenchize multimediagenieke ziekenhuizen, Bakkers Barten, makelaarskastelen, meubelboulevards, entertainmentcentra, siervuurwerkshows. Het barst bijna uit z’n voegen. Maar we moeten nu dus ontzettend nodig inkrimpen, gaan bezuinigen op elementair muziek- , teken- en dansonderwijs, op de ruimte voor kleinschalige theatervoorstellingen, op de bibliotheek met de echte boeken, op de oefenhokjes van onze lekker tegendraads rammelende kinders, op zeg maar de Cultuur…
Foute benaming zeg ik! Cultuur dat zijn wij, met z’n allen! Is wat we verdienen met z’n allen. Maar daar mag dus niks op bezuinigd. Want we hebben het al slecht genoeg! Het is per slot van rekening crisis… Wat ik hier bedoel? Het gaat iedereen aan. We zijn er zelf verantwoordelijk voor. Niet de politiek, niet de bank, niet Joop vd Ende of z’n lieve vrouw. Ja da’s mooi dat zij zich druk maakt om de BTW-verhoging, net als Freek en Claudia en die ander miljoenenverdieners die toch nog een goed hart voor de zaak hebben. Zij ook ja, maar wij even hard. En heeft men al door wie er nu echt te lijden hebben onder die regeling?
De kleine ondernemers van de schone kunsten, de artistiekelingen, de creatieve zielen. Zonder ironie: de mensen die je hart kunnen raken met een vioolsonate, je leven op z’n kop kunnen zetten met een gedicht, je tranen laten stromen met een streek olieverf op linnen. De mensen achter al die muziekjes en ontwerpjes en prenten waarmee onze hebbedingetjes verkocht worden. De mensen waarvan je hun persoonlijk verhaal niet zo maar op het ‘publieke net’ hoort omdat er geen mediageilheid van afdruipt. Die mensen betalen niet alleen een paar knaken meer voor een kaartje van een mega-show waar ze toch al niet heen willen, maar leveren ook gewoon keihard een paar honderd euro per kwartaal in die ze niet meer kunnen terugvorderen op hun ploeter onkosten. Ja, ik spreek hier ook voor mezelf. En dat is dan ook nog eens een heel ander verhaal dan het volksvertegenwoordigend kaalplukken van de KUNSTvoorzieningen dat gaande is. Waarmee al een hele reeks mooie speelplaatsjes in verregaande staat van ontbinding is geraakt.
Natuurlijk moet de bezem door de hele poppenkast van ‘t commercieel gezond gemaakte theatercircuit dat in z’n Rabobank of Fortiszalen lekker gezellige meestampproducties brengt uit de Volendamse havens, de RTL/SBS/Talpa/Veronica (of zijn die dezelfde?) talentenshow koker en het betere Piratencircuit in het algemeen. Of schreeuwend dure topshows van Queen, Pink Floyd en Eagles tributebands die bijna net echt zijn. Entertainment van cabaretiers met een Quote top 500 waardig inkomen die ‘zeg maar een persoonlijk kritisch gelardeerd verhaal maar dan wel met beetje humor natuurlijk’ te bieden hebben. Van een eindeloze straal BNers die -ja wat eigenlijk, nou ja als ik het maar bij DWDD tegen een riante vergoeding kan aanprijzen- ook eens iets enigs in het theater zijn gaan doen. En waar wij, het publiek allemaal met gemak enorme toegangsbedragen voor neerleggen. Want het is zo knap, zeg maar een heus kunstje wat die artiesten allemaal kunnen doen! Onze jongens! … Maar ja, dat kan nu binnenkort allemaal niet meer want de BTW gaat met 13% omhoog en dan worden de kaartjes toch echt te duur. Hebben we geen beltegoed meer over om zwalkende aanstormende talentjes weg te stemmen.
Tijd om eens allemaal hard te gaan schreeuwen dus. Zeg het nog maar een keer… Want dat doen we anders nooit in onze iedereen moet altijd alles maar kunnen zeggen cultuur... En we zijn echt vet in de shit geraakt. Want ons kleine sympathieke theatertje en ons foeilelijke maar wat wil je in zo’n opportunistisch koophart van de gemeente ook jongerencentrumpje en ons zang- en dansschooltje moesten mee met de tijd. Net als de grote jongens. Als de Metropolen en de Circustheaters. Sneller, groter, airgeconditioneerder, digitaler, concurrerender, multifunctioneler… En dat wilde maar niet lukken. Hele commissies hebben we er op losgelaten. Banen hebben we er voor gecreëerd. Nog maar eens een interimmanager aangesteld. PR-experts van buiten betrokken. Webdesigners geïnstalleerd. Laserlicht en rookmachines ontstoken. En een derde van het personeel met ziekteverlof vaag klagend uit de weg geholpen. En dat kostte me toch een lieve duit!
Hadden daar nu echt geen goeie warme bescheiden condities voor gemeenschappelijke genietingen van verfijndere kunstvormen mee geschapen kunnen worden? Maar nu is het geld op. En de bank wil er ook al geen goede sier meer mee maken…
Maar ach weet je, echte kunst bedruipt zichzelf wel. We hebben het toch niet voor niets over graaicultuur? Ik schrijf vast nog wel een keer een liedje dat ruikt waar het geld zit. En waar iemand anders dan handig een slaatje uit kan slaan. En net als de slimme investeerders van nu alvast een beetje kan inzetten op de nieuwe ronde nieuwe prijzen cultuurpaleizen van de toekomst: de Arena’s, Gelredomes en Kuipen. Die voetbalclubs die er nu inzitten gaan vanzelf wel failliet en dan gaan we er met z’n allen in het Rood nog vaker en harder meebrullen met Marco B. Want de meeste stemmen tellen. Maar goed, dat is politiek.
Nee, laat de decadentie maar voortrazen. Het is allemaal één groot circus. Dat belonen we –heel politiek- met een mooi belastingvoordeeltje. En we laten er de artiesten dansen als murw geslagen beren op marsmuziek. Die heb je zo van de weg. En dan begint het over een jaar of tig gewoon weer opnieuw.
BJ Baartmans, Boxmeer 22/11/2010
ps van de tientallen cd-, dvd- en podiumproducties voor jong en oud en huis en haard en de ruim 3500 live optredens in binnen en buitenland waarbij ondertekenend auteur als schrijvend en/of uitvoerend artiest gedurende de afgelopen 30 jaar betrokken is geweest, is nog geen 10% mogelijk gemaakt moeten worden door overheidssteun.
Maar wat een feest was het!...

Dit stukje schreef ik voor de rubriek EEN LANS GEBROKEN van het blad Heaven (nummer 6 nov/dec):
Op een mooie voorjaarsdag in 2009 belandde ik op een van mijn muzikale tochten via trein, metro en in als gebruikelijk ongepoetst puntschoeisel gestoken voetenwagen in Katendrecht, puistvormig aanhangsel van Rotterdam. Gewezen haven en peeskwartier. En nog geheel onbekend terrein voor mij, in een stad die ik altijd al sneller omzeil dan omarm. Met een bestemming, een duidelijk adres op zak en de zon als stralend middelpunt van de dag voelde ik me evenwel prima op m’n gemak.
En toen ging ik kijken. En kijken. En ik zag… Waar eens het schippersvolk laveloos door de straten zwalkte deden dat nu de huizen. Met ooglappen, stoppelbaarden, tandeloze bekken en haakarmen. Uitgewoond als de verdreven hoeren, gokbazen en aalmoezeniers. Hangend op hun laatste benen, met de uitgeklopte zakken uit de broek en een roestbruin peukje nasmeulend op de stoeprand. Ghettovorming. Drugpandjes. Afwerkplekken. Gangsterrappers. Straatschoffies. Bleekscheten. Rioolratten. Boktor, zwamkelder, betonrot…
Zoiets zag ik. Eerst. Maar toen zag ik ook iets heel anders. Iets nieuws. Opportunisme. Designwoninkjes, luxelofts, delicatessezaakjes, eterijtjes, reclameslogans, dingetjes… Een jonge moeder achter een buggy convertible, een lustig fietsfluitende relnicht, een funky op dreadlocks dansende rastaman. Ik zag een wijk in opstand. Met Deli Bird Thai, Tattoo Bob, een bord van welkom en Theater Walhalla: een gewezen danspaleis waar ooit de lichtenkooien besproken, bezongen, bevochten of grofweg besprongen werden door matrozentuig en andere scheepsrotten. En nu een met veel aandacht voor stijl, detail en speelsheid uit het puin van Katendrecht opgetrokken thuis voor de kleine kunst, moderne troubadours, de scherpschutters van de poëzie en het theater van de glimlach. Ik voelde me er, al was het maar voor even, als een reiziger in het volle zicht van z’n thuishaven. Schip Ahoy Kapitein! Nog diezelfde avond schreef ik de volgende tekst, het liedje staat op mijn jongste cd VOOR/ACHTER:
KATENDRECHT
Tussen Deli Bird Thai en Tattoo Bob, hef ik het glas en proost ik op
De toekomst die me toekomt, er is niets vastgelegd
Het boek is open, geen pad is recht
Avond in afgerost Katendrecht
Ramen van hout en hekken van staal, loom pluk ik de dag bij het avondmaal
Tussen uitgewoonde straten , waar geen huis veilig lijkt
Maar een bord van Welkom bij de toegang prijkt
Van Rotterdam’s Katendrecht, gehavende wijk
Tussen Heineken Bier en een vers bakkie troost, een moedige moeder maant onwillig kroost
De avondzon gloeit nog , waakt over het plein
Waar niks anders wacht dan wat er mag zijn
In Katendrecht, Schip Ahoy Kapitein
Van ankerplaats tot zeemansgraf, meer dan een fooi kon er nooit vanaf
Maar het bruiste en het kolkte en het gaf zich prijs
Als de hoeren in de kasten en het danspaleis
Van Katendrecht aan het eind van de reis
Omarm het leven in pracht en verval, in Theater Walhalla is vanavond weer bal
Ik breek dus een lans voor dit Theater Walhalla. Maar eigenlijk breek ik een lans voor veel meer:
Voor de toewijding en liefde waarmee op een op het eerste gezicht zo troosteloos stukje Nederland iets prachtigs is neergezet: iets van geloof, hoop en kleinschaligheid. Voor de artiesten die er volmondig dwars tegen de stroom in komen spelen en de cultuurcynici het nakijken geven: JW Roy, Beatrice van der Poel, Renee van Bavel, Bart de Win, Songwriters United, Jeroen Kant, Alex Roeka, Mondo Leone, Kees Torn (om er maar eens een paar lekker dicht bij eigen huis te noemen) .
Voor de jonge ontluikende theatertechnici die er werken en trots en blij zijn om een bijdrage te kunnen leveren aan iets wat mooi, eerlijk, ontroerend, van de schone kunst kan zijn… Voor het publiek dat zich door niets laat leiden dan een gezonde honger naar minder is meer en zinnenprikkelende taal, klanken, beelden. Voor wie horen wil en voelen. Voor mij die in dit Walhalla van nu mag zweven, dromen, feesten, stralen. Voor even voor eeuwig. Mag ik deze lans van U?
Nog zo’n mooi theater… Koningstheater, Den Bosch, op 24/10 presenteerden
we er VOOR/ACHTER
En bij gelegenheid van de 11e van de 11e de volgende tekst, vorig jaar geschreven voor de liedjesavond, mijn eerste carnavalsnummer!!
Refr: Vroeger zag het blauw van de rook, als er een feestje werd gebouwd
Nu sta ik hier te paffen met jou en zo zijn we blauw van de kou
Blauw blauw blauw, blauw van de kou
We stonden wat te praten en ik bood een drankje aan
Ze zei doe mij een pilske maar dan wil ik hier niet staan
Want met een sigaretje vind ik dat ie beter smaakt
Dus moeten we naar buiten ook al vriest het dat het kraakt
Ik ging een eindje lopen met die goeie ome Koos
Want Koos mocht niet meer roken bij de oudjes in de soos
Dat deed ie als een ketter maar hij had nooit niks gehad
En nou ligt hij ziek in bed want hij heeft een kou gevat
Kende die van die en die, die rookte vroeger wiet
Dat deed ie met d’n dieën daar en haar die je daar ziet
Dat mocht niet in de kroeg dus ze moesten er op uit
Ze waren achteraf gezien de tijd al ver vooruit
Ook dit jaar met carnaval gaan wij weer naar het bal
Met de buren, de familie met de kinderen en al
Dat wordt een dolle boel dus denk maar zo als ik verdwijn
Die zal wel weer een pakje sigaretten halen zijn
Ik was nog maar een snotneus toen de trek in sjekkies kwam
Die rolde ik heel stiekem in den hof van pap en mam
Al stond ik blauw te bekken met de bibbers in de knie
Er was toen al een rookverbod maar stoppen deed (kon) ik niet
Vanmorgen kon ik niet slapen. Nou is dat als je een normaal leefritme hebt natuurlijk niet raar, maar als je pas net om half 5 je bed hebt gezien is het best lastig. Ik ga dan namelijk vaak malen. En hoewel het superfijne optreden van gisteren nu nog nagonst ben ik vanmorgen gaan malen over een optreden van volgende week. Het onvolprezen Koningstheater in Den Bosch, daar gaat het dan gebeuren. Ik speel er met Wild Verband en we gaan voor het eerst de nieuwe liedjes van VOOR/ACHTER op de bühne doen. Eigenlijk is het een soort cd presentatie. Dat was vroeger echt bijzonder. Nu ook nog: jaar werk, stuk van je leven, lief en leed en alle mogelijke middelen uit de kast, alleen zie je het er niet meer zo aan af.
Per vandaag zijn er 20 kaartjes verkocht. Da's niet veel. Da's veel te weinig. We (de gebruikelijke verdachten) hopen met z'n allen dat de verkoop de komende week nog aantrekt. Maar de krant is al vol. En de muziektijdschriften al uit. Deadlines zijn gemist. Ik heb posters en flyers verstuurd, op Omroep Brabant gezongen en ik heb gemaild, gemaild en nog eens gemaild. Maar is het gezien? En beklijvend dan? Overal is van alles te doen en iedereen zegt dat er niets meer kan. Praktijk Van Vandaag, leuke afkorting...
In Den Bosch was het altijd goed spelen: in de Palm, Café Bartje, Plein 79, Café De Welvaart, De Boulevard, De Rode Pimpernel, Willem II, het Theater aan de Parade… Door de jaren heen heb ik er een leuk groepje volgers opgebouwd. Goeie opkomst meestal. En drummer Sjoerd komt uit de stad. Die staat ergens voor. Sfeer, swing, speelplezier! Kortom, een goeie plek om iets moois te gaan doen. En als je dan een uitnodiging krijgt van het leukste theater van het Zuiden des Lands in diezelfde stad… Ik zeg geen nee.
Ik heb nu een stuk of tien reacties gehad op de laatste mailing, stuk voor stuk liefdevolle afzeggingen… Het voelt toch al een beetje als dertig kaartjes. Met een beetje goede wil…
Dilemma: Ik weet waar ik het voor doe: de liedjes, de vriendschap, de liefde, de noodzaak, de kunst, de mensen die er voor komen, die er voor gaan. Ik ben een bevoorrecht mens, ik kan wat en daar doe ik wat moois mee. Ik weet dat dat herkend wordt en in geval van genoten ook. Maar waar is iedereen? Niet bij een concert van Sheryll Crow (gaat niet door wegens… te weinig tickets verkocht). Waarschijnlijk niet bij een concert van Eric of Eric of Louis of Ruud of Ad of Shannon of Bart of een van die andere zing schrijf vrienden die maar niet of nauwelijks meer aan het spelen geraken. Misschien bij Tim Knol, Roosbeef of Lucky Fonz en geef ze eens ongelijk. Die zijn van nu, leuk open en nog goed "in hun ding" ook. Zijn ze thuis? Op Facebook (heb na een week al 900 vriendjes daar!). Buiten roken?
Ik weet het even niet meer. Zondagmiddag gaan we ons ziel en zaligheid leggen in iets waar we in ieder geval nog kunnen geloven. Muziek. Maar nog even geen slotakkoord. Daar ben ik nog lang niet klaar voor. Het wilgje dat sinds deze zomer de tuin siert heeft nog niet zo'n sterke takjes.

PS: Binnenkort meer van een beetje hetzelfde in een stukje dat ik voor de nieuwe Heaven heb geschreven, als bijdrage aan de serie Een Lans Gebroken. Mijn lans is vergeven aan het kleine (muziek) theater, opgehangen aan het voor de Heaven heel toepasselijke Theater Walhalla in Katendrecht, Rotterdam.
Dit zijn -"mijn"- Tom (13) en Anna (11). Op het podium van De Box in Boxmeer, tijdens de jamsessie op de laatste vrijdag van de maand.
Ze spelen Allright Now van The Free. Zo is het maar net. Trots.
Ik heb een stiekeme hit! Een clipje van In de Maneschijn, gezongen door mij, uit de gelijknamige VOF Ome Larry musical. Gemaakt door ene DJ Remmie.
Bij deze al 177.663 keer (!) bekeken. Wie DJ Remmie is? Geen idee. Hoe en waarom het liedje voer voor zijn clipje is geworden? Geen idee. Wie al die kijkers zijn? In ieder geval een stel van mijn vriendenstellen die nog in de luierfase zitten (hun kroost dan toch) zoals Maud en Frans en Alexandra en Bartel maar vooral natuurlijk hun kinderen. Uit beide jonge gezinnen kwam het bericht. Gespot! Mooi hoe zoiets z'n eigen leven kan gaan leiden in de wonderlijke wereld van het web.
Ghis en ik schreven script, songteksten en muziek voor de (kinder) musical Maneschijn in 2004. De uitvoeringen in de zomer van 2005 met een flinke cast en crew waren een feest en nu wordt het stuk nog steeds gespeeld mét en vóór kinderen in theaters in een met zorg op maat gesneden versie door duo Plum en Puddingh.
Zo'n hit is trouwens ook maar zoiets... In onze schuur staan nog steeds stapels dozen In de Maneschijn cd's. En de BUMA en youtube trekken waarschijnlijk tot in de lengte van dagen touw over de verdeling van de rechten mbt dit soort publieke vertoningen en ondertussen dik rente over het auteursgeld in de kluis.
Nou dan wil ik toch tenminste dat men weet dat het bij ons uit de stal komt. Marjolein van der Klauw zingt mee en de band is Mike Roelofs (keys) en Sjoerd Rutten (drs) en ik.
Bij deze ook nog een gedicht uit de musical:
BALLADE VAN DE DUIZENDPOOT
(die schoenlapper is)
het leven als duizendpoot
(die schoenenlapper is)
is niet zo wandelrijk
als mijn titel doet vermoeden
gestrikt door 1000 veters
gevloerd door 1000 zooltjes
verspijkerd als 1000 hakjes
gewezen als 1000 neusjes
besproken als 1000 tongen
gekoppeld als 500 paar (of 1000 vrijgezellen)
gebonden als 1000 voet in aard
waar zou ik nog heengaan
mijn leest is huis en haard
uit schoenen kun je lezen
soms niet meer dan een voetnoot
gedrukt in steen of zand
verraden ze een spoor
ooh als schoenen konden spreken
dan legden wij ons oor
te luister bij het garen
bij de spijkers en het leer
en waren we de weg kwijt
dan wisten we 'm weer
het leven is een leerproces
te staan op goede voet
met schoenen is mijn motto
verzorg je schoenen goed
Over voeten en schoenen gesproken: vorige maand speelde ik met Iain Matthews in de 100 club in Londen. Iain begon zijn carrière in de muziek als zingende schoenenverkoper in de superhippe boetiekjes van de Londense Carnaby Street in 1967.
Onderstaande heren betrokken er hun laarsjes. En stampten er in de 100 club hun 12 maten rockgodenblues mee.
Foto linksonder: Jeff Beck en Eric Clapton op de 100club bühne
|